Wat is inflatie en wat merk je ervan?
Inflatie betekent dat het algemene prijsniveau stijgt. Met hetzelfde bedrag kun je dan gemiddeld minder kopen. Dat betekent niet dat ieder product duurder wordt of dat jouw uitgaven precies evenveel stijgen als het landelijke inflatiecijfer.
Volg je eigen boodschappenlijst
Fictief voorbeeld: je koopt maandelijks dezelfde drie dingen.
| Uitgave | Eerst | Later |
|---|---|---|
| Telefoonabonnement | €10 | €11 |
| Lunchbudget | €20 | €22 |
| Sportbijdrage | €15 | €15 |
| Totaal | €45 | €48 |
Jouw mandje wordt €3 duurder: €3 / €45 × 100 = ongeveer 6,7%. Dat is een berekening van deze drie uitgaven, geen officieel inflatiecijfer.
Koop je ook vaker lunch, dan komt een deel van je hogere uitgaven door extra aankopen. Houd prijsverandering en meer kopen uit elkaar.
Wat gebeurt er met spaargeld?
Stel dat €100 na rente €102 wordt, maar een vergelijkbaar product van €100 naar €103 stijgt. Je saldo groeit, maar je kunt dat product nog niet kopen. Dit laat het verschil tussen euro's en koopkracht zien.
Inflatie is geen reden om geld voor komende rekeningen ineens te beleggen. Een koersverlies kan op korte termijn een groter probleem zijn dan prijsstijgingen.
Pas je begroting gericht aan
Vergelijk een recente rekening met een oude: is de prijs gestegen, is een korting afgelopen of gebruik je meer? Kies daarna een reactie die bij de oorzaak past. Denk aan een goedkoper abonnement, minder gebruik of een hoger bedrag reserveren.
Ga bij een spaardoel opnieuw na wat de aankoop kost. Anders kan je spaarplanning kloppen terwijl het doelbedrag verouderd is.
Voor de officiële meting gebruikt het CBS de consumentenprijsindex. Voor je eigen overzicht kun je verder met budgetteren.